RSS

Franco – Guitar Hero

The Sorcerer of The Guitar [tovenaar], Grand Maître en Franco de Mi Amor, óók namen voor Francois Luambo Makiadi. Een groot man, zowel letterlijk als figuurlijk. Hij had een topgewicht van 140 kilo en was gitarist, zanger, componist, zakenman en rolmodel. Godfather van de moderne Congolese rumba, beter bekend onder de naam soukous. Dat is de algemeen aanvaarde Europese benaming voor de gitaar gedomineerde dansmuziek uit Congo.

Franco  is in 1938 geboren in het dorp Sona Bata en het gezin verhuist naar de hoofdstad Leopoldville, nu Kinshasa. Hij helpt zijn moeder als tienjarige bij de verkoop op de markt door gitaar te spelen . Op  12 oktober  1989 is hij in een ziekenhuis in Namur [België]  overleden. De meest waarschijnlijke doodsoorzaak is aids: Hij was veel afgevallen en bracht in 1987 zijn laatste meesterstuk uit, getiteld  Attention Na Sida [Pas op voor aids]. Na terugkomst worden vier dagen nationale rouw in Congo afgekondigd. De  gitaarheld wordt nu geëerd door het Franse label  Cantos met de cd “Guitar Hero”.

Het album opent met de track Tres Impoli. Het epische stuk besloeg op het uit 1984 afkomstige naamloze album een plaatkant en duurde handgeklokt 17:03. Op deze compilatie echter 3:47! Juist, gefronste wenkbrauwen bij deze bewonderaar en Franco-verzamelaar. In de tirade heeft hij kennelijk iemand in gedachte. Het is bijna een persoonlijke aanval. Franco heeft zelfs voor het eerst een inlegvel in het Frans en Engels bij zijn plaat gevoegd. Hij zingt in het Lingala, een soort van handelstaal in Congo. “Waarom doe je dat? Waarom ben je zo onbeleefd? Je bezoekt mensen en je legt je voeten op hun tafel, terwijl men deze gebruikt voor hun maaltijden”. Sommigen kennen geen schaamte. Ze laten de gaten in hun sokken zien, halen drank en voedsel uit de koelkast, als hun gastheer zich omdraait.  Kortom,  hij is meedogenloos. “Ik ben een schilder”, zei Franco ooit. “Ik beschrijf wat ik zie. Als ik iemand met een gescheurde broek zie, dan zeg ik ook dat hij een kapotte broek draagt”.


In Ce N’est Pas Possible Chouchou is Antoine er met zijn Chouchou vandoor. Ver van huis stuurt hij zijn geld op en vraagt zich af wat er mee gebeurt. Hij zweert tot zijn dood vrijgezel te blijven. De song Fariya verhaalt van een vrouw die verliefd is op een man die ziek is van trots. Toch geeft ze de hoop niet op. Nog meer liefdesleed in Zenaba. Een schreeuw om hulp, rechtstreeks uit het hart van een man die door zijn vrouw verlaten is. Het proces van de teloorgang van dit huwelijk wordt uitgebreid beschreven. Jaloerse vrouwen roddelen over een arrogante femme fatale in Presence Na Ngai Ebangisaka. En dan het lied Momi. Dit betekent chick. Zij zou iets van haar jeugd moeten maken door een echtgenoot te zoeken, voor het te laat is. Gedateerd?! Vrouwonvriendelijk?! Het Afrikaanse lied “has a job to do…”

Kennis maken met negen gedigitaliseerde songs heeft voordelen. Veel instrumenten hebben duidelijk hun natuurlijke dynamiek verloren, vooral de blazers klinken schel. De vasthoudende ritmes van de bas en drums is de muzikale basis voor de meer gelagerde, ingevlochten gitaargeluiden, terwijl de blazers accenten leggen. Veel nummers van Franco Et Le T.P.O.K. Jazz kennen ook een kenmerkende  tempo-wisseling, de sebene . Dan begint het dansgedeelte: On Entre Ok, On Sort Ko. Swingend het jaar uit! Doen!

[Dirk Nijhof]


Your Comment