RSS

Bregje Sanne Lacourt: ‘Luiken open en uit je lijf zingen!’

Bregje Sanne Lacourt omschrijft zichzelf op haar website als een vat vol melancholie, levensvreugde en zelfspot. Dat is niet alleen te horen op haar bijzonder positief ontvangen debuutalbum, het is ook te lezen in onderstaand interview waarin ze volop de tijd neemt om uitgebreid om onze vragen te beantwoorden. Een interview met een heerlijk eigenwijs ‘wijf’.

Je hebt een hele tijd naar dit album toegeleefd en toegewerkt. De meeste van de nummers die op ‘The Keeper Of Changing Winds’ staan, heb je al geruime tijd geleden geschreven. Met welk gevoel kijk je nu naar je debuutalbum? Ben je tevreden over het resultaat of zijn er nog dingen waar je toch nog aan twijfelt?

Omdat dit mijn eerste album is, heb ik ruim de tijd kunnen nemen om liedjes te testen, aan te passen en weg te laten. Daarom zijn er een aantal nieuwe bij gekomen zoals Yellow Brolly, Do That For, Baby’s Blue Eyes en Wasted and Waiting. Het gekke is dat ik de afgevallen nummers ook live niet meer speel. Die waren dus niet goed genoeg. Ik hanteer ook een vaste regel: als ik een melodie of tekst niet onthoud dan was die niet belangrijk genoeg.

Ik weet inmiddels uit ervaring dat albums en EP’s momentopnames zijn. Je vult het in zoals je smaak op dat moment is. Het enige wat ik anders wil doen op de volgende plaat is digitaal masteren en niet analoog. Hoewel John Vanderslice (vreselijk leuke vent trouwens) prachtig werk heeft verricht, is het toch tricky omdat ik er niet zelf bij kon zijn in San Fransisco. Eventuele aanpassingen kosten je dan een extra dag studio omdat je het hele nummer opnieuw moet mixen in plaats van een kleine aanpassing te doen. Dat geld was er niet en gelukkig bleek dat Tammo Kersbergen het in de master kon fixen. Maar het was een risico.

Er zijn tijdens het proces partijen geweest die interesse in het album hadden maar toch nog iets wilden veranderen. Hoe verleidelijk dat ook is: ik ben heel blij dat ik de ballen heb gehad om uiteindelijk te doen wat ik wilde qua muziek en sound, maar ook wat vormgeving betreft. Dus ja: ik ben heel erg tevreden en ik zou het niet anders doen.

Je put op je album uit een brede en rijke bron. Je laveert tussen blues, jazz, country, folk en pop. Ik hoor zowel echo’s van hedendaagse zangeressen als Adele en Alison Moyet als van sixties iconen als Dusty Springfield en Jackie DeShannon. Toch overheerst jouw persoonlijke geluid. Hoe ben je bij dat geluid terechtgekomen?

Als kind groeide ik op in twee huizen. Mijn vaders huis waar voornamelijk klassiek werd gedraaid en mijn moeders huis waar Etta James, Aretha Franklin en Tina Turner de boventoon voerden, powervrouwen en rauwe, grote stemmen. Naast deze ‘mountains’ luisterde ik ook graag naar Mariah Careys eerste platen en Whitney Houston. Die twee gaan minder diep in de emotie dan de oude garde, maar de techniek intrigeerde mij mateloos! Ik wilde ook al die ornamentjes en hoge noten kunnen zingen. Ik denk dat ik daar de basis gelegd heb voor mijn techniek.

Tijdens mijn studie en daarna heb ik gewerkt in de studio’s van EMI en Talpa Music om demo’s in te zingen. Daar was ik vooral bezig met technisch zingen en de uitspraak. Ik merkte dat ik meer behoefte had aan diepgang in de stem waardoor ik andere dingen probeerde te doen met mijn eigen liedjes. Lager zingen, meer vanuit het hart, maar ook kleiner en niet te kritisch over valse nootjes. Blues zoals Etta James of Bonnie Raitt die zingen ligt mij meer qua ad libs dan de pop van Carey.

In het intro van Ball and Chained hoor je overigens een ad lib van Marinka Stam (LuLu Doxin) die op dat moment een grapje maakt door haar versie van Mariah Carey te doen. We hebben het er expres in gelaten omdat het zo haaks staat op hoe zowel zij als ik normaal zingen. En Adele, tja. Eigenlijk mag het niet omdat het commercieel is geworden door de verkoopcijfers. In de underground is het wellicht een beetje een taboe, maar laten we wel wezen: zij is toch een beetje de nieuwe Etta James in een geheel eigen stijl. Ik kijk uit naar elk nieuw album dat ze maakt. Ik zie ook de groei in haar liedjes. Omdat ik veel lesgeef, gebruik ik haar ook als voorbeeld voor mijn leerlingen. ‘Probeer het niet te kopiëren, maar voel wel wat ze technisch doet als ze zingt.’ Ik heb liever dat mijn leerlingen in hun beginjaren klinken als Adele dan als Demi Lavato. Zij zullen net als ik gaandeweg hun eigen geluid ontdekken.

Dat eigen geluid is dus een kleurenpallet van mijn invloeden en gewoonweg waar het liedje wat emotie betreft aan onderhevig is. Vergelijk het met hardlopen: de rush als het ineens soepel gaat? Nou dat gevoel: Luiken open en uit je lijf zingen!

Ik heb tot nu toe louter positieve recensies gelezen van ‘The Keeper’ en ik kan me voorstellen dat dat iets doet met een mens. Hoe onderga je al die aandacht?

Ja jeetje, omdat ik onbekend ben en alles zelf doe, heb ik er helemaal niet bij stilgestaan dat mensen het mooi of niet mooi zouden kunnen vinden. Ik ben met mijn oogkleppen op gewoon mensen gaan spammen. Ik word erdoor geraakt dat mensen het mooi vinden en er aandacht aan willen besteden zonder dat er een plugger of perspromotor tussenzit. Het is toch een mooie klop op mijn schouders dat ik (en Michel) het goed gedaan heb.

Hoewel ik ook echt wel had verwacht dat er kritiek zou komen. Omdat dat zo hoort of omdat het heel raar zou zijn dat niemand kritiek zou hebben. Maar vooralsnog waren het alleen platenbazen en management die ‘het anders gedaan zouden hebben’. Ik kan niet werken met iemand die niet volledig achter het product staat dus heb ik er toch voor gekozen mijn album zelf uit te brengen. En verder ben ik vreselijk dankbaar voor alle mooie woorden van iedereen!

Op je website noem je Michel Ebben je ‘pseudo-brother’. Hoe belangrijk is hij voor je?

Michel is iemand waar ik mee kan sparren, ruzie mee kan maken en uren aan een liedje kan werken zonder dat er spanning is of dat hij de overhand neemt. Hij is geduldig en omdat we elkaar al zo lang kennen zit daar een soort van onvoorwaardelijkheid aan vast. Maar ook Demet, zijn vriendin, is belangrijk. Stel je maar even voor dat je mij een jaar lang een of meer dagen per week in huis hebt want daar is zijn studio. Dat is heavy hoor! Niet omdat ik nou per se heel heavy ben, maar het proces van opnemen is erg intens. Gelukkig kon zij er heel goed mee omgaan en heeft zij als eerste de liedjes gehoord en haar commentaar gegeven als wij het even niet meer wisten. Michel is op gitaar ook degene die het best bij mij past. Ik vrees voor het moment dat ik een andere moet gaan zoeken als zij ooit in Amerika gaan wonen. (lacht)

Je komt uit Rotterdam, een stad die de nodige problemen kent, maar die tegelijkertijd een enorm dynamisme uitademt. Speelt je omgeving een rol in je muziek?

Eigenlijk kom ik uit Oss, Brabant, ik ben op mijn negentiende verhuisd om te studeren in Rotterdam. Ik heb met Rotterdam een haat-liefdeverhouding. Aan de ene kant mis ik de sfeer die Amsterdam heeft met allerlei hipster evenementen en aan de andere kant: als er dan wat leuks te doen is zoals camping Rotterdam ben ik altijd sjakie afhakie. Geen idee waarom eigenlijk. Niet zozeer Rotterdam speelt een rol in mijn muziek als wel de overgang tussen Oss en Rotterdam. Of wat ik meenam aan bagage hier naartoe.

Ik zie mezelf niet als een Rotterdamse. Ik zit te veel in mijn eigen bubbel om mij echt een onderdeel te voelen van een stad. Als ik naar Londen ga, kan ik mij bijvoorbeeld vreselijk ontheemd voelen. Maar dat zoek ik juist op. Hoe meer alleen ik mij voel, hoe meer ik dichter bij mezelf kom en de muziek kan laten komen zonder te forceren. Daarna sta ik mezelf toe om de stad te voelen en mensen te zien en heel veel biertjes te drinken. Het wordt tijd dat ik er weer eens in mijn eentje heen ga.

Je doet mee aan De Grote Prijs van Nederland. Wat hoop je eigenlijk met je deelname te bereiken?

Als je het zonder label, pluggers, perspromotors en bookers doet, ontkom je er niet aan dat je extra exposure nodig hebt. Ik hoef niet zo nodig met mijn hoofd op tv, daar ben ik te onzeker voor, maar de grote prijs was een optie omdat ik er veel uit kan halen. Ik ben altijd een beetje een steigerend paard als het om wedstrijden of ‘dingen moeten’ gaat, maar ik ben er met een open mind ingestapt. Het bootcamp voorafgaand aan de kwart finale was heel verhelderend. Hierdoor heb ik wat dingen kunnen aanpakken voor mezelf. Ik ben blij dat ik me heb ingeschreven en ik hoop dat het mijn album een beetje helpt.

Stel dat je een platenfirma vindt die je voorstelt om na een tweede album met hoofdzakelijk eigen liedjes een coveralbum op te nemen. Welke nummers zou je daar dan absoluut op willen en waarom juist die?

1. Samantha Crain – For the Minor (omdat het al 4 weken non stop in mijn hoofd zit)

2. Eefje de Visser – Er is (maar dan een Engelse vertaling, vreselijk mooi liedje)

3. Gregory Page – Don’t Cry

4. Fink – Green and the Blue (omdat Fink mooie liedjes maakt en deze toch wel hele mooie koortjes heeft die ik lekker kan bewerken)

5. Danny Schmidt – Man of Many Moons (Danny beschrijft hierin dat hij een complexe man is en daar herken ik mezelf wel in, sowieso mijn favoriete nummer van hem)

6. London Grammar – Stay awake (omdat ik hier een heel eigen liedje van kan maken zonder afbreuk te doen aan het origineel en omdat haar teksten en zanglijnen zo prachtig zijn)

7. Anais Mitchel – Coming Down

8. Dolly Parton – Jolene (zulke fijne nootjes en zo subtiel gezongen)

9. The verve – Bitter Sweet Symphony (deze spelen we vaak live in een bluesy versie)

10. Etta James – Misty Blue

Maar goed dit kan volgend jaar weer anders zijn. Misschien zou ik eerder kiezen voor een artiest, bijvoorbeeld Randy Newman, en daar de mooiste van opnemen.

We leven in een wereld waarin de laatste tijd vrij weinig ruimte is om te dromen terwijl dat toch een van de mooiste menselijke eigenschappen is. Sta jezelf eens toe om ongelimiteerd te dromen. Wat is op muzikaal vlak jouw Mount Everest?

De mooiste soundtrack schrijven voor een serie als ‘True Detectives’, ‘Grey’s Anatomy’, of ‘Nashville’ of voor films van het kaliber ‘O brother where are thou’, ‘The science of sleep’ of ‘Moonrise kingdom’.

Wat zijn je plannen voor de komende tijd?

Op 20 september is de cd-release in Rotterdam. Ik wil nog een reisje naar Londen plannen en daar een double tourtje doen met Michel. Ik speel op 5 oktober in het Barbiertje in Hellevoetsluis, op 10 oktober in Het Bolwerk in Sneek, op 15 oktober Radio 6 en op 14 november in Vibes met Lu Lu Doxin. Hopelijk loopt het album een beetje en kan ik rond februari beginnen aan nieuwe opnames.

 


1 Comments Add Yours ↓

  1. Theo #
    1

    Leuk interview, Martin!



Your Comment