RSS

Feest met Jack Hustinx en zijn swingende buddies

Muziek grijpt je bij de strot als ze niet plichtmatig tot stand komt, maar gedragen wordt door speelplezier en de heilige vonk. Bands als de Rolling Stones staan echt niet voor hun lol op het podium. Zie de lege blik in de ogen van Charlie Watts.  Poor guy. Het concept van een band is natuurlijk ook niet ideaal: teveel ego’s op de vierkante meter. Af en toe zijn er optredens, meestal in het clubcircuit, waarbij iedereen wel uit zijn bol gaat, de wondere kracht van muziek in volle glorie. Dinsdagavond 12 december was ik bij zo’n optreden. Plaats van handeling: het Rozenknopje in Eindhoven. Eén keer per maand stappen drie muzikale vrienden – Jack Hustinx, Roel Spanjers en Roelof Klijn – hier het podium op om eens lekker muzikaal van bil te gaan. Centrale figuur is Jack Hustinx, bekend van de Shiner Twins, de rootsband die helaas ter ziele is. Toetsenman Roel Spanjers en bassist Roelof Klijn zijn goede bekenden van Jack: ze werkten mee aan diverse projecten waar hij bij betrokken was. Hustinx is een man die het Amerika-virus onder de leden heeft. Regelmatig reist hij naar Austin, de muzikale hotspot van Texas, en werkt daar met Malford Milligan aan een duo-album, dat volgend jaar zal uitkomen. Hij treedt daar ook regelmatig op, in Nederland is dat een uitzondering. Voor het concert van dinsdagavond waren er hardcore liefhebbers overgekomen uit Leiden en zelfs een paar mensen uit het Drentse Zuidlaren. Ze werden niet teleurgesteld. De heren op de bühne waren goed op dreef, zo’n avond dat je de boze buitenwereld vergeet.

FOTO 1

Het begin van de show bracht ‘Sittin’ on the dock of the bay’, het nummer dat Otis Redding drie dagen voor zijn dood opnam. Op 10 december was het vijftig jaar geleden dat hij met zijn band en zijn manager neerstortte. Otis was een man die haast had. Natuurlijk trok hij zich niets aan van het dringende advies om niet te vliegen. Slecht weer immers. Maar Otis stapte toch in de Beechcraft en stortte neer in een meer. Tamelijk wrang is het dat aan het begin van ‘Sittin’ on the dock of the bay’ kabbelend water is te horen. Jack Hustinx ziet Otis Redding als de grootste zanger die hij kent, maar dat bleek geen aanleiding om terug te komen op een eerder ingenomen standpunt, namelijk dat Otis zo goddelijk zingt dat het onmogelijk is om vocaal ook maar enigszins bij hem in de buurt te komen. Hij probeerde het toch. Niet meer doen, Jack. Dat soort werk kun je beter overlaten aan Malford Milligan, je Amerikaanse buddie. Hustinx revancheerde zich vrijwel meteen met ‘I’ll take care of or all’, een nummer dat op het nieuwe duo-album komt te staan. Hij zong het voor het eerst voor een publiek. Een sterk nummer, een beetje de sound van een vroege ballad van Elvis Presley. Zo hoor ik Jack graag, bezield en overtuigd.

FOTO 2

Hustinx en Roel Spanjers namen om hun beurt de solo-vocalen voor hun rekening, terwijl de bescheiden opererende bassist Roelof Thijn voor backing vocals zorgde. Regelmatig werden we, lekker ouderwets, getrakteerd op driestemmige zang. Er passeerde van alles, vooral oud spul dat de tijd goed heeft doorstaan, zoals ‘Mohair Sam’ van Charlie Rich, een nummer uit 1965, en ‘I can help’, de wereldhit uit 1974 van Billy Swan. ‘Take it to the limit’,  waarmee de Eagles in 1975 kwamen aanzetten, kreeg een heel andere uitvoering, en wat mij betreft een betere. Roel Spanjers presenteerde vanachter zijn keyboard met groot enthousiasme ‘Walkin’to New Orleans’, grote hit van de Fat Man in 1960. Fats overleed op 24 oktober, 89 jaar oud. Een prachtige man. Ik heb hem twee keer meegemaakt. Eén keer voor een interview op Schiphol en later nog eens ’n middag met hem op bezoek bij zijn Eindhovense fanclubpresidente, een bijzonder merkwaardige vrouw van middelbare leeftijd. Ook een paar texmex-songs passeerden, zoals ‘Welcome to San Antone’ van het soloalbum ‘Over yonder’ van Jack Hustinx. Spanjers hanteerde zwierig de accordeon, maar het viel me wel op dat hij de knoppen aan de linkerkant van het instrument niet beroerde.

FOTO 3

Het publiek was bij het vierde nummer al begonnen met meezingen, wat mij toch altijd ’n beetje doet denken aan een bijeenkomst van padvinders rond een kampvuur. Het enthousiasme was natuurlijk wel terecht, want de drie buddies swingden er niets & niemand ontziend op los. Heel mooi was de vertolking van ‘Help me through the night’, waarmee Kris Kristofferson in 1970 flink scoorde, een nummer dat daarna talloze malen is gecoverd, maar nog steeds geen slijtageverschijnselen vertoont. Het nummer werd opgedragen aan Ad van Meurs, die vorige maand overleed. Met ingang van het nieuwe jaar zal de concertzaal van het Rozenknopje omgedoopt worden in de Ad van Meurs Zaal. Het was toch wel een beetje een avond voor de doden. Naast de hommage aan Otis Redding bracht Jack Hustinx ook twee songs van Stephen Bruton, een goede vriend die op 9 mei 2009 overleed aan keelkanker. Bruton zat bijna veertig jaar in de band van Kris Kristofferson, produceerde op hoog niveau albums van anderen en bracht zelf vijf soloalbums uit. “Een heel wijze man die mij veel heeft geleerd”, aldus Hustinx.

Tekst: Sjoerd Punter

Foto’s: Paul Jonker en Hugo Schellekens      


Your Comment