RSS

Concertverslag: Greyhounds in de Leidse Q-Bus

ABO_7139

De liefhebbers van r&b, funk, oude soul, blues en rockmuziek troffen het op donderdag 9 mei in de Leidse Q-Bus aan de Middelstegracht, alwaar het Texaanse gezelschap Greyhounds acte de présence gaf. Vooral de muziek van The Meters, ZZ Top, Jimmy Vaughan, het Stax geluid van de jaren vijftig en zestig, de New Orleans blues, Dough Sahm en The Band vormen de inspiratiebronnen voor gitarist Andrew Trube en  toetsenist Anthony Farrell. Muzikanten die twee decennia onafgescheiden diverse muzikale wegen bewandelen. Hun samenwerking met JJ Grey & Mofro zal waarschijnlijk het meest tot de verbeelding spreken.

Uitgerust met de drumkit van Zack Littlefield, een Roland Juno bassynthesizer en de elektrische Fender Rhodes piano (Anthony Farrell), en een Fender Vibrolux en een Silvertone gitaar uit de zestiger jaren van Andrew Trube maken zij  momenteel hun debuut op de Europese podia. De aantrekkingskracht van een show van de Greyhounds is enerzijds het ontspannen karakter van hun repertoire en de relaxte, Marvin Gaye achtige vocalen van Anthony Farrell, maar anderzijds het waanzinnige gitaarwerk en de enigszins rauwe zangpartijen van Andrew Trube. En anders dan de lome stemming van hun studioplaten is op het podium tevens ruimte voor een lekker scherp en creatief speels randje waar onder de gekleurde lampen in de Q-Bus onbeschaamd gezweet werd. Alhoewel diverse bezoekers ervoor kozen om achterin de zaal lekker onderuit te hangen.

ABO_7134

De hoofdmoot van het fraaie optreden in de Q-Bus (met dank aan programmeur Hans van Polanen) bestond vanzelfsprekend uit het vorig jaar verschenen “Cheyenne Valley Drive”. Een album dat in drie dagen is vastgelegd in de befaamde Sam Philips Recording Studio te Memphis, Tennessee.  Maar ook de schitterende liedjes van “Change Of Pace” (2016) en “Heaven On Earth” (2015) kregen ruimschoots de aandacht tijdens de twee sets van driekwartier.

11-05: Groningen, Oosterpoort (Rhythm & Blues night)
12-05: Amsterdam, Paradiso (kleine zaal)

Foto’s: Theo Koot
Tekst: Johan Schoenmakers

 


Your Comment