
In 1969 – ik was dertien – hoorde ik bij een vriend thuis een LP die mijn stoel zowat onder mijn kont wegtrok. Een mij tot dan toe compleet onbekende zangeres zette haar indiaanse klauwen rond mijn hart, draaide het een paar keer in het rond en liet me beduusd achter, me afvragend wat ik in hemelsnaam had meegemaakt. Dit was muziek die mijn jonge, toch al rusteloze puberziel nog onstuimiger door mijn aderen liet gieren dan daarvoor al het geval was. De zangeres die verantwoordelijk was voor die zachte ravage was Buffy Sainte-Marie. De plaat die sindsdien op mijn ziel geëtst is, is Illuminations.
Waarom die lange aanloop om uiteindelijk aan te belanden bij When May Came, de derde cd van singer-songwriter Raina Rose? Omdat ik tijdens het luisteren naar dat album telkens weer aan Buffy Sainte-Marie moest denken, ook al is het werk van beiden niet echt met elkaar te vergelijken. Maar bij het horen en herhaald spelen van ontregelend mooie songs als Your Neighbore’s Trampoline, If You’re Gonna Go, Stone Around My Neck, What Do You Bury en vooral Bluebonnets bespeurde ik een soortgelijke opwinding bij mezelf als zoveel jaar geleden. Dat Rose eenzelfde soort tremolo in haar stem heeft als Buffy Saint-Marie is daarom ook mooi meegenomen.

Producer Jonathan Byrd (zie ook Speck van Alexa Woodward) kiest op When May Came voor een oorspronkelijk livegeluid – soms lijkt het werkelijk of Raina Rose bij je in de woonkamer staat te zingen. Verder is het instrumentarium bewust beperkt gehouden (gitaar, percussie, banjo, cello, soms wat orgel). Die benadering bezorgt de elf nummers op dit album een extra dimensie: die van de eerlijkheid en de eenvoud. En dat eindstation ligt echt niet in ieders bereik.
Op www.johnnysgarden.nl las ik onlangs een fraaie parafrase op een oude volkswijsheid: ‘Wie het kleine eert, heeft het grote niet zo nodig’ (*). Als je Raina Rose Let Me Down Easy, Desdemona, Pretty Good Today of het meesterlijke Heart Broke Open hoort spelen, weet je dat die waarheid voor de volle honderd procent opgaat voor When May Came. Ik hoop met heel mijn omgedraaide hart dat er ergens opnieuw een dertienjarige rondloopt die merkt hoe bevrijdend een zachte ravage kan zijn…
(*) Bedankt, John!
You’re welcome, Martin. Maar wel het eerste ‘niet’ even weghalen, anders is de logica zoek. Overigens wel een begrijpelijk foutje bij zo’n gevleugeld woord.