De Griekse componist Mikis Theodorakis is vorig jaar negentig geworden. Dat moest uiteraard gevierd worden. Geen componist in Griekenland heeft zijn volk zo weten te inspireren als Mikis. Ook buiten de landsgrenzen oogstte hij lof voor zijn vertolkingen van De Mauthausenliederen en Pablo Neruda’s Canto General, terwijl de titelsong van de film Zorba de Griek wereldwijd geldt als het ultieme feestnummer in Griekse restaurants. Vier generaties vocalisten hebben op dit album op geheel eigen wijze hun liefde voor de liedjes van Theodorakis vorm gegeven. Door de verschillende bronnen waaruit zij putten, ontstaan er klankbeelden die nieuwe dimensies toevoegen aan het repertoire van Theodorakis. Het muzikale feest opent met de hoogst eigenzinnige inbreng van de Cypriotische muzikant Alkinoos Ioannidis. Het door hem in vele lagen gezongen openingslied Nayagos (Schipbreukeling) is een stemmige introductie voor de zes wonderschone liedjes waarin hij een indrukwekkende proeve van zijn melodische kwaliteiten als zanger en arrangeur aflegt.
Het jongste lid van het gezelschap, Giannis Haroulis, vult de rest van de eerste schijf in met zijn Kretenzische stijlopvattingen die de liedjes van Mikis een lekker rauw randje bezorgen. De tweede cd opent met zes liedjes van Sokratis Malamas die als vanouds met spaarzame middelen een maximum aan emotionele impact weet te bewerkstelligen. Geheel conform haar status als Theodorakisvertolkster bij uitstek sluit Maria Farantouri cd 2 af met drie liedjes. Liedjes waarin zij in het verlengde van haar werk met de Amerikaanse saxofonist Charles Lloyd kiest voor een opzet waarin eeuwenoude stijlvormen uit de Griekse muziek en eigentijdse jazzmuziek elkaar versterken. Waarmee de Grote Dame van het Griekse lied op passende wijze eens te meer de tijdloze klasse van het Theodorakisrepertoire heeft voorzien van haar unieke signatuur.
(Koos Gijsman)
