
Ga er maar eens aan staan, een podium voor je alleen. Gewapend met enkel een akoestische gitaar, je stem en je verhalen. Probeer het maar eens, om een publiek te vermaken en tegelijk stil te houden tijdens je liedjes. Het is geen eenvoudige taak. Terwijl de rest van het land inmiddels in een collectieve EK-depressie was beland na het verlies van ‘ons’ voetbalelftal staan er deze avond twee mannen op de planken, die afzonderlijk erin slagen de nieuwsgierige en verwachtingsvolle bezoekers muisstil te houden. En gedisciplineerd te laten klappen. Sterker nog, de muzikale prestaties overtrof alle verwachtingen.
De een luistert naar de naam Rob Lamothe met een rijkelijk solo- en bandverleden, wiens soulvolle stemgeluid nog altijd goed in vorm is. Zo iemand, waar muziek vanaf zijn vroege jeugdjaren deel uitmaakte van zijn leven. Een in Canada woonachtige Amerikaans zanger en gitarist, een vriendelijk en graag geziene gast in de QBUS, die met een beperkte speeltijd als opwarmertje diende. Als een kind zo blij en vereerd om voor deze talentijke belofte onder de singer/songwriters op te treden. ‘Geen tijd voor uitgebreide anekdotes’ verzekert hij ons. Maar wil nog wel laten weten vol lof te zijn over ‘onze’ mooie stad met zijn vele historische bezienswaardigheden. Hij toont zich bijzonder dankbaar voor de aandacht en de stilte. Het zorgt voor een fijne interactie tussen de artiest en de bezoekers.
De goedgevulde zaal luisterde aandachtig naar zijn korte set met nummers veelal afkomstig uit zijn eerste soloplaat uit 1996, die onlosmakelijk met zijn muzikale carriere en leven zijn verbonden. En die door een heruitgave op cd (met een bonusschijff) en voor het eerst op vinyl beschikbaar nu weer in de belangstelling staat. Alleen al voor zijn trouwe volgelingen, een verplichte aanschaf. Een goede reden voor een reeks akoestische shows in ons land. Zonder een gitaar of laptop, alleen ik en een rugzak vol essentiële spullen. Een leengitaar haal ik op in Rotterdam, en dat is het dan, vertelde hij onlangs aan Ron Willemsen van het online magazine Headbangers LifeStyle. Het maakt de gang naar de QBUS nu al meer dan waard en dan hebben we het hoofdgerecht nog niet gehad.

Julian Taylor is een opvallende verschijning met dreadlocks die zich na meer dan twintig albums in eigen land niet meer hoeft te bewijzen. Uiteraard nog wel in ons land waar hij relatief onbekend en een onderschatte songsmid is. Met een veelzijdige aanpak heeft hij het uitzonderlijk talent om liedjes met feelgood momenten te schijven. Maar weet ze ook op een juiste manier met zijn uit bronsgroen gesneden eikenhouten strot aan ons over te brengen. Vol fijne jeugdherinneringen maar ook handelend over verlies, verdriet en moed.
In de afgelopen vijfentwintig jaar merkte hij dat het publiek zich ongemakkelijk voelde bij de muziek die hij speelde. Taylor herinnerde zich ervaringen met het spelen van covers in bars in het zuiden van Ontario, waar hij optrad voor een ‘overwegend blank publiek’. “Als ik een nummer van Bob Marley speelde, leek het comfortniveau van de mensen in de club in orde. Maar bij een nummer van Johnny Cash zouden zij hun hoofden omdraaien, zichtbaar de ongemakkelijkheid aanvoelend wat de man met de donkere huidskleur en dreadlocks nu weer speelt. “Mensen nemen gewoon iets aan vanwege de manier waarop je eruit ziet. Reden om geen foto van hem op zijn laatste soloplaten te zetten.
Op dinsdag 25 juni gaf de Canadese troubadour tijdens zijn solide optreden je het gevoel dat hij een band met ons op wilde bouwen. Met zijn natuurlijke charme en charisma maakte hij zich direct geliefd. Bewoog zich energiek over het podium en betrok het publiek regelmatig. Of dat nu was door te klappen, te zingen of door een anekdote te vertellen. Na zo´n vijf kwartier weet hij van geen ophouden en speelt hij Ballad Of The Young Troubadour van het vier jaar geleden uitgebrachte album The Ridge. Een nummer waar hij de avond ervoor niet aan toekwam. Voor ondergetekende was het toen jammergenoeg tijd op te stappen om zijn bus te halen.
www.vanpolanenpresenteert.nl
(Johan Schoenmakers)