
Ray LaMontagne herhaalt zichzelf graag. Misschien hebben we dat gewoon nodig, want met elke herhaling wordt de boodschap duidelijker: Hij maakt platen, die dwars door je ziel dringen. Toen hij twee decennia terug met het meesterlijke Trouble debuteerde, klonk zijn tenor verweerd en buitenaards. De kracht ervan leek onwaarschijnlijk van zo’n timide, ingetogen artiest. Als je hem nu hoort, kun je je nauwelijks voorstellen dat het twintig jaar geleden is dat we kennismaakten met nummers als Shelter, Narrow Escape en Burn.
Het recente Long Way Home gaat volledig over zijn levensreis. Hij reflecteert op zijn verleden dat dertig jaar terug begon. Een wereld die voor Ray indertijd om vier uur ‘s-nachts openging, bij het horen van Stephen Stills Treetop Flyer. Een zanger, alleen met zijn gitaar. Dit wil ik ook, dacht hij. Het kostte hem negen nummers om uit te drukken wat Townes van Zandt in één zin wist te zeggen: “Where you been is good and gone / All you keep is the getting there” (To Live is to Fly).
Zonder kennis vooraf kost het weinig moeite om te bepalen in welk decennium deze plaat gemaakt had kunnen zijn. Want Long Way Home ademt een sfeer van de zeventiger jaren, waar zijn muzikale helden onder wie Bob Dylan (Yearning), Van Morrison (My Lady Fair), Neil Young (And They Called Her California) en Stephen Stills (The Way Things Are) furore maakten. Nummers die met hun relatief weinig spectaculaire stijl recht het hart weten te raken. Misschien niet baanbrekend, maar wel authentiek en oprecht van een artiest, die trouw blijft aan zijn roots. Met een universele boodschap om de onvoorspelbaarheid van het leven te accepteren;
www.raylamontagne.com
(Johan Schoenmakers)