Op zijn tweede album Photographs bewandelt de jonge Texaan Robert Ellis twee muzikale paden: dat van de klassieke singer-songwriter en dat van de countryrock uit de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw. Zijn liefde voor het werk van grootheden als Townes Van Zandt, George Jones, Lefty Frizzell en Gram Parsons is daar mogelijk niet vreemd aan. Enkele van die helden noemt hij trouwens bij naam in Comin’ Home, een van de vijf countryrockers op dit plaatje.
De eerste helft van Photographs bestaat uit een vijftal bescheiden gearrangeerde intimistische nummers waarin de hoofdrol is weggelegd voor Ellis’ stem en zijn akoestische gitaar. Hoewel er niet één song door het ijs zakt en de superbe song Bamboo het soort heimwee naar het verleden uitademt dat ik wel weet te waarderen, is die zogenaamde A-kant naar mijn gevoel minder sterk dan de B-kant waarop de countrymuziek heerst. Ellis komt hier in het vaarwater van lui als Harry Chapin en Jesse Winchester en dan valt hij nog wat licht uit.
Ellis’ enigszins dunne stem is gebaat bij een wat steviger achtergrond en dat is nu net wat zijn band hem biedt. Drummer Ryan Chavez, bassist Geoffrey Muller en pedal steel speler Will Van Horn (die een diepe voetafdruk achterlaat op deel twee van dit album) zijn niet louter begeleiders, ze geven mee vorm aan Ellis’ nummers. Daardoor klinken respectievelijk What’s In It For Me en Photographs niet als covers van een Buck Owens en een Flying Burrito Brothers song, maar als originals van een muzikant die op jonge leeftijd al behoorlijk sterk uit de hoek kan komen.


1 van de verrassingen van dit jaar wanneer je het mij vraagt.