Punchbuzz van de formatie Husky in de herhaling bij het Altcountryforum.nl. Ook Koos Gijsman heeft namelijk hierover een recensie geschreven.
Vorig jaar was ik bij het optreden van de Australische groep Husky in de door mij zeer geliefde zaal De Helling in Utrecht. Samen met een enthousiast meezingend jong en internationaal publiek plus twee Heavencollega’s genoot ik van een gelikt programma waarin de groep een substantiële selectie presenteerde van het repertoire van hun eerste twee albums. Liedjes die door de pakkende melodielijnen, fraaie zangpartijen, sterke liedteksten en subtiele instrumentaties de afgelopen jaren regelmatig de soundtrack vormden van uiteenlopende facetten van mijn leven. Op hun laatste album tappen zanger-liedjesschrijver Husky Gawenda en zijn drie muzikale vrienden stilistisch duidelijk uit een ander vaatje. Vanaf opener Ghost is het evident dat de groep hun folkpopinsteek ingeruild heeft voor een klankbeeld dat een stuk gespierder van opzet is. Het betekent in de praktijk dat de karakteristieke inbreng van de klassiek geschoolde toetsenist Gideon Preiss een stuk beperkter is en de ritmesectie een veel prominentere plaats heeft toebedeeld gekregen in de eindmix. De magie die de liedjes op hun eerste twee platen Forever So (2011) en Ruckers Hill (2014) kenmerkte, ontbreekt mede daardoor veelal op Punchbuzz. Wat overblijft is een album dat zeker niet slecht is maar over de hele linie lichtelijk teleurstelt. Prachtliedjes als het met ijle synthesizerpartijen en summier spel op de akoestische gitaar opgetuigde lied Cut The Air en het eigenzinnig modulerende lied Splinters In The Fire doen vermoeden dat de groep Husky in een overgangsfase zit en houden gelijktijdig de hoop levendig dat we in de toekomst van hen nog veel fraais tegemoet kunnen zien.
(Koos Gijsman)
Heel lang durfde ik het niet aan om het nieuwe album van het Australische kwartet Husky te beluisteren. Waarom niet? Op basis van vooroordelen. Omdat de akoestische indiefolkpop van het debuut Forever So (2011) en de opvolger Ruckers Hill (2014) gewoon mijn ding niet was. Al na de eerste luisterbeurt van het door Matt Redlich smaakvol geproduceerde “Punchbuzz” was ik gelijk overstag. Een intrigerende derde worp van Husky vol heerlijke gestroomlijnde en melodieuze gitaarpopliedjes met elektronische elementen, die zich razendsnel in je hersenpan nestelen. Liedjes als Ghost, Sharkfin, Splinters In The Fire en Space Between Heartsbeats zijn daar uitstekende voorbeelden van. Soms verslavend, bitterzoet, danwel psychedelisch en zweverig. Een aangename horizonverbreding in vergelijking met eerder werk. Een sterk uitgevoerde stijloefening van de Autstraliërs. Prominente rollen zijn weggelegd voor de elektrische gitaar, keyboards en bovenal Husky Gawenda’s fijne falsetto en de prachtige meerstemmigheid. Grotendeels geschreven in Berlijn met het uitzicht van de ondergaande zon op het bakon van zijn tijdelijke appartement op de dertiende etage van een flatgebouw. Ook een kamer in een hotel vol kleurrijke figuren diende als decor voor Gawenda’s creatieve brein.
www.huskysongs.com
(Johan Schoenmakers)
